Oversteken

door LJMV

Ik duik in de passagierszetel. Het goud naast me staart uit het raam. Hij zegt: Ik zou iets kunnen schrijven over hem, zijn gezicht vertelt een verhaal. De sleutel raakt vastberaden het contact. Ik kijk beide verhaalvertellers afwisselend aan, en m’n gedachten gaan ijverig met die opmerking aan de haal.

Het liefst zou ik later ook zo’n gezicht hebben. Huid even verhalend als een roman of drie. De hoogtepunten door de lezer onderlijnd. En wanneer het enige dat groen overblijft mijn iris is, dat dan de som van slapeloze nachten rood in het wit van mijn ogen kleurt. Een nog even gouden lok. Een glimlach completer dan voorheen. Die vervloekte lijn in mijn voorhoofd nog dieper. Mijn wangen holler dan ze nu zijn. Krasjes schaduw op mijn slapen. De tel kwijt bij mijn sproeten. Poriën opgevuld met het onderste uit de kan.
Dan zouden er meisjesblikken op me rusten. en zou ik hen liefst zien beseffen hoe mooi het leven kan kerven.

Ik strijk mijn voorlopig gladde oogleden neer op de kwartslag naar links, mijn gedachtestroom onderbroken.
‘Jongedame, die blik…’
– ‘Wat?’, vraag ik.
‘…is het enige wezenlijke dat er in slaagt me in verlegenheid te brengen.”

En moest ik kunnen kiezen, wil ik dat de tijd daar
geen verandering in brengt.

Advertenties